• Wedstrijdreglement

    Tijdens de Leidse Onderlinge zullen we ons houde n aan de normale "voorrangsregels", beter bekend als het BPR. Deze regels zijn ook geldig voor schepen die niet aan de wedstrijd meedoen. De start en de finish zijn wel gebaseerd op de normale wedstrijdzeilregels. Informeel komt dit voor zeilboten neer op het hieronder genoemde. Verder zijn er enkele regels die specifiek voor deze wedstrijd zijn opgesteld.


    Tegengestelde en kruisende koersen

    De volgende regels gelden, in deze volgorde.

    • Een schip dat stuurboordswal houdt ("rechts vaart" in een smalle vaarweg of een vaargeul) heeft voorrang op een schip dat dat niet doet.
    • Een groot schip (langer dan 20 meter, een veerpont, of grote passagiersschepen) heeft voorrang op een zeilboot.
    • Een kleine motorboot (dus kleiner dan 20 meter), evenals alle door spierkracht voortbewogen boten (dus ook een niet-zeilende zeilboot), geven voorrang aan zeilboten.
    • Een zeilboot met z'n zeilen over bakboord ("links") heeft voorrang op een zeilboot met z'n zeilen over stuurboord. Let op: als je net overstag bent gegaan geldt dit niet.
    • Varen twee zeilboten over dezelfde boeg, dan heeft het schip dat het hoogste aan de wind vaart voorrang op een schip dat ruimer vaart.

    Oplopende koersen

    Het schip dat "ingehaald" wordt heeft voorrang op een schip dat voorbij gaat, maar moet wel medewerking verlenen.


    Start en finish

    De start zal gebeuren volgens het 5-4-1 principe, dat wil zeggen: 5 minuten voor de start wordt er een vlag gehesen en een geluidssignaal gegeven. Na 1 minuut komt daar nog een vlag bij, wederom met een geluidssignaal. 1 minuut voor aanvang gaat de tweede vlag weer weg, ook hier met een geluidssignaal, en zodra de eerste vlag ook weg is begint de wedstrijd en moet je in de juiste richting (richting de wind) de startlijn passeren. Merk op dat het wel is toegestaan ook voor het startsignaal de startlijn te passeren.


    Specifiek aan de Leidse Onderlinge

    • Halverwege de route houden alle deelnemers verplicht minimaal 30 minuten pauze om te lunchen. Bij aankomst op en voor vertrek van de lunchlocatie moet elk team zich melden bij de aanwezige wedstrijdleiding.
    • Bij windkracht 4 is het verplicht te varen met een rif. Bij 5 moet er met een dubbel rif gevaren worden. Bij windkracht 6 of meer gaat de wedstrijd niet door.
    • Bij het passeren van een brug moet minimaal 1 scheepslengte (ongeveer 6 meter) voor de brug de mast gestreken zijn.
    • Het is niet toegestaan om andere voortbewegingsmiddelen te gebruiken dan dat wat door de wedstrijdleiding verstrekt wordt.
    • Het is niet toegestaan om alcohol te nuttigen aan boord van de boot.

    Dit alles is ter beoordeling aan de wedstrijdleiding. Het niet opvolgen van deze regels wordt bestraft. In geval van schade heeft ieder team een eigen risico van 150 euro.